We klagen in Nederland wel eens over betutteling, boetes of regeltjes. Maar als je de geschiedenisboeken induikt, mag je in je handjes knijpen dat je in de 21e eeuw leeft.
Vroeger waren overheden en koningen namelijk niet zo van de taakstraffen of boetes. De oplossing voor ongewenst gedrag was vaak simpel: “Kop eraf.”
Van je kledingkeuze tot je ochtendritueel, dit zijn 10 dagelijkse dingen die je vroeger je leven hadden gekost.
1. Paars dragen

Heb je een paars shirt in je kast hangen? In het oude Rome was dat een enkeltje naar de beul. Keizerlijke paarse kleurstof (gewonnen uit duizenden zeeslakken) was zó duur en exclusief, dat alleen de Keizer het mocht dragen.
Het was de ultieme weeldewet. Als gewone burger, of zelfs als rijke senator, werd het dragen van volledig paarse kleding gezien als hoogverraad. Je matigde je de status van de keizer aan, en daar stond maar één straf op.
2. Koffie drinken

In de 17e eeuw was sultan Murad IV van het Ottomaanse Rijk (Turkije) het zat. Hij geloofde dat koffiehuizen broeinesten waren van opstand en roddels over zijn bewind.
Zijn oplossing? Een totaalverbod op koffie. En hij handhaafde het zelf. Het verhaal gaat dat hij zich vermomde als burger en door de straten van Istanbul liep met een groot zwaard. Betrapte hij iemand met een bakkie pleur? dan werd diegene ter plekke onthoofd.
3. Een bijbel lezen (in je eigen taal)

Vandaag de dag kun je de Bijbel in elke taal lezen, zelfs in straattaal. In de vroege 16e eeuw was dat echter een enkeltje naar de brandstapel. De Katholieke Kerk vond dat alleen priesters het Latijn mochten interpreteren; het gewone volk was ’te dom’.
De Engelsman William Tyndale dacht daar anders over. Hij vertaalde het boek naar het Engels en smokkelde het het land in. Zijn straf? Hij werd in 1536 gewurgd en verbrand wegens ketterij.
Ook voor de lezers was het levensgevaarlijk: wie betrapt werd met een Engelse bijbel en deze niet wilde inleveren, werd bestempeld als ketter en riskeerde eveneens de doodstraf.
4. Iets kleins stelen (een zakdoek of konijn)
In het 18e- en 19e-eeuwse Engeland gold de beruchte ‘Bloody Code‘. Het rechtssysteem was simpel: op meer dan 200 misdrijven stond de doodstraf.
Je hoefde geen moordenaar te zijn om te hangen. Het stelen van goederen ter waarde van meer dan 12 pence (ongeveer de prijs van twee zakdoeken) was al genoeg voor de galg. Ook het illegaal omhakken van een boom of het stelen van een konijn kon je je leven kosten. Kinderen van zeven jaar oud zijn hierdoor opgehangen.
5. Roken
Tegenwoordig krijg je een preek over je gezondheid, maar in het Rusland van de 17e eeuw (onder Tsaar Michaël I) kreeg je heel wat anders. Roken werd gezien als een dodelijke zonde en ‘westers vergif’.
De straffen waren niet mals: bij de eerste keer werd je neus eraf gesneden of je rug opengehaald met een zweep. Werd je nog een keer betrapt? Dan volgde de doodstraf. Ook in het Ottomaanse Rijk en China zijn er periodes geweest dat tabak een doodvonnis betekende.
6. Vreemdgaan

Overspel is nu vooral pijnlijk voor je wederhelft, je relatie en je bankrekening (bij de scheiding). Maar in veel culturen was dit een enkeltje naar het hiernamaals.
In de strenge kolonie van Massachusetts in de 17e eeuw konden overspelige vrouwen worden opgehangen. En vergeet de Sharia-wetgeving niet: in bepaalde landen staat er nog steeds de doodstraf op, vaak uitgevoerd door middel van een gruwelijke “steniging”.
Dacht je dat wij in Nederland altijd zo liberaal waren? Mis. Tot 1971 was vreemdgaan hier ook gewoon een strafbaar feit. Je kreeg er weliswaar geen doodstraf voor, maar je kon er wel degelijk de gevangenis voor in draaien.
7. Roddelen (over de koning)

Even klagen over Mark Rutte of de Koning op Twitter (X)? Geen probleem. Maar in het Engeland van Hendrik VIII was “imagining the death of the king” (wat heel breed werd uitgelegd) hoogverraad.
Zelfs het vertellen van een grapje over de vorst of het niet eens zijn met zijn huwelijkskeuzes kon leiden tot de doodstraf. De straf voor mannen was overigens niet simpel ophangen, maar “Hanged, drawn and quartered” (ophangen,rekken en vierendelen).
8. Hekserij (Kruidenvrouwtje zijn)

Ben je bezig met mindfulness, leg je tarotkaarten of brouw je je eigen kruidenthee? Tussen 1450 en 1750 was je levensmoe.
Tienduizenden mensen (vooral vrouwen) in Europa en Amerika werden geëxecuteerd wegens hekserij. De ‘bewijzen’ waren vaak belachelijk: het hebben van een moedervlek, een zwarte kat, of gewoon omdat de melk van de buurvrouw zuur was geworden en jij verdacht keek.
9. Homoseksualiteit
Helaas is dit in sommige landen nog steeds actueel, maar in het middeleeuwse Europa en ver daarna was “sodomie” (een parapluterm voor alles wat niet op voortplanting gericht was) een van de zwaarste misdrijven.
In Engeland bleef de doodstraf voor seks tussen mannen bestaan tot 1861. Mannen werden opgehangen of, in eerdere tijden, verbrand. Het idee dat je nu hand in hand over straat kunt, is historisch gezien een zeer recente luxe.
10. Zelfmoord (Postume straf)
Dit is de meest bizarre juridische kronkel uit de geschiedenis. Vroeger werd zelfmoord gezien als diefstal: je stal immers een onderdaan (jezelf) van de Koning en God.
Het verhaal dat je werd opgehangen als je poging mislukte, is een mythe.
Maar de realiteit was nauwelijks beter: je werd in de gevangenis gegooid of aan de schandpaal genageld.
Lukte het wel? Dan werd je postuum gestraft. Je familie raakte al hun bezittingen kwijt aan de staat (waardoor weduwen op straat belandden) en jouw lichaam werd onteerd. Je werd doorboord met een houten staak en zonder kist begraven op een druk kruispunt, zodat je geest niet kon spoken.
Zelfs in de dood vond je geen rust.
