Toen in maart 1933 het eerste concentratiekamp bij Dachau werd geopend, kon niemand vermoeden hoe groot dit systeem van terreur zou worden. Wat begon als een plek om politieke tegenstanders op te sluiten, groeide in de jaren daarna uit tot een netwerk van honderden kampen in Duitsland en bezet Europa. Achter prikkeldraad voltrok zich een van de donkerste hoofdstukken uit de moderne geschiedenis.
Hieronder lees je over tien beruchte kampen die symbool staan voor de vernietigingsmachine van het Derde Rijk. De verhalen verschillen per plek, maar overal komt dezelfde werkelijkheid terug: systematisch geweld, dwangarbeid, ziekte en massamoord.
De aantallen slachtoffers blijven schattingen, maar de menselijke tragedie is onmiskenbaar.
10. Buchenwald

Op een heuvel bij Weimar lieten de nazi’s in 1937 Buchenwald bouwen. Het kamp groeide al snel uit tot een van de grootste in Duitsland. Gevangenen – onder wie Joden, Roma, communisten en homoseksuelen – werden er aan zware arbeid onderworpen. Honger, mishandeling en medische experimenten bepaalden het dagelijks leven. In de winter vroren mensen dood; in de zomer bezweken ze aan ziekte of uitputting.
Toch bleven gevangenen zich verzetten, onder meer door het smokkelen van informatie en het redden van kinderen. Toen Amerikaanse troepen Buchenwald op 11 april 1945 bevrijdden, troffen zij duizenden uitgemergelde overlevenden aan. Meer dan 56.000 mensen hadden het niet gehaald.
9. Bergen-Belsen

Bergen-Belsen begon in 1940 als kamp voor krijgsgevangenen, maar kreeg pas in 1943 de functie van concentratiekamp. Het was geen vernietigingskamp met gaskamers, maar de omstandigheden waren dodelijk. Gebrek aan voedsel, schoon water en medische zorg veroorzaakte epidemieën. Tyfus en dysenterie eisten tienduizenden levens.
In de laatste maanden van de oorlog werd het kamp overspoeld door nieuwe transporten uit het oosten. Onder de gevangenen bevonden zich Anne en Margot Frank, die er beiden stierven. Toen Britse soldaten Bergen-Belsen op 15 april 1945 bevrijdden, lag er een dodenveld van meer dan 50.000 lichamen.
8. Mauthausen-Gusen

In 1938, kort na de annexatie van Oostenrijk, verscheen op een rotsige heuvel bij Linz het kamp Mauthausen. Het kamp kreeg de zwaarste classificatie, “Stufe III”, bestemd voor gevangenen die men als onherstelbaar beschouwde. Ze moesten graniet winnen in de steengroeve beneden, via de beruchte ‘Trap van de Dood’ met 186 treden.
De uitputting was dodelijk: wie viel, werd vaak naar beneden geduwd of ter plekke doodgeschoten. Ongeveer 90.000 tot 100.000 mensen kwamen om, van de circa 190.000 gevangenen. Op 5 mei 1945 bevrijdden Amerikaanse soldaten de overlevenden, velen te zwak om nog te lopen.
7. Dachau

Dachau, vlak bij München, was het eerste kamp dat de nazi’s oprichtten. Op 22 maart 1933 kwamen er de eerste politieke gevangenen aan: communisten, sociaaldemocraten en vakbondsleiders. In de jaren daarna breidde het systeem zich uit, en Dachau werd het voorbeeld voor alle latere kampen, compleet met wachttorens en prikkeldraad.
Ook geestelijken, Roma en Joden belandden er. Tienduizenden stierven door honger, ziekte en mishandeling. Na de bevrijding gebruikten de geallieerden het kamp voor internering van oorlogsmisdadigers. Vandaag is het terrein een gedenkplaats waar bezoekers nog steeds de sobere barakken kunnen zien.
6. Sobibór

Sobibór werd in 1942 gebouwd in Oost-Polen als onderdeel van Operatie Reinhard, de nazi-campagne om de Poolse Joden uit te roeien. De treinsporen liepen rechtstreeks het kamp in; bijna alle mensen werden direct na aankomst naar de gaskamers gestuurd. Hun bezittingen werden gesorteerd en doorgestuurd naar Duitsland.
In oktober 1943 brak er een gewapende opstand uit. Gevangenen wisten enkele SS’ers te doden en honderden ontsnapten, maar de meesten werden alsnog opgejaagd. Ongeveer 50 overleefden de oorlog. Daarna werd het kamp met de grond gelijkgemaakt. Naar schatting 170.000 tot 250.000 mensen kwamen hier om.
5. Chełmno (Kulmhof)

Chełmno, of Kulmhof in het Duits, was het eerste kamp waar systematische vergassing plaatsvond. Vanaf december 1941 werden Joden uit het getto van Łódź en omliggende dorpen met vrachtwagens naar het kamp gebracht. In afgesloten gaswagens werden zij vergiftigd met uitlaatgassen, vaak nog onderweg naar massagraven in het bos.
De moorden verliepen in stilte en razendsnel. In totaal verloren hier naar schatting 150.000 tot 200.000 mensen het leven. Toen het Rode Leger naderde, probeerden de nazi’s sporen te wissen door graven open te maken en lichamen te verbranden. Toch werden resten gevonden – en getuigen legden later de eerste bewijzen vast van de georganiseerde vergassing.
4. Majdanek

Majdanek, aan de rand van Lublin, werd oorspronkelijk gebouwd voor Sovjetkrijgsgevangenen. De houten barakken stonden er in 1941 al, maar al snel veranderde het in een complex van dwangarbeid en vernietiging. De gaskamers stonden binnen zichtafstand van de stad; bewoners konden de stank van verbrand menselijk weefsel ruiken.
Toen het Rode Leger in juli 1944 onverwacht snel naderde, troffen ze het kamp grotendeels intact aan – een van de eerste tastbare bewijzen van de Holocaust. Volgens recente schattingen stierven er ongeveer 78.000 mensen, onder wie ruim 59.000 Joden.
3. Bełżec

Bełżec was het eerste vernietigingskamp van Operatie Reinhard en werd in 1942 in gebruik genomen. De deportatietreinen arriveerden dagelijks; binnen enkele uren waren bijna alle mensen vergast. Er waren nauwelijks barakken, want overleven was niet de bedoeling. Van de duizenden transporten overleefden slechts een handvol mensen.
Na negen maanden besloten de nazi’s het kamp af te breken. De grond werd geëgaliseerd en beplant om sporen te wissen. Geschat wordt dat tussen de 430.000 en 500.000 Joden in Bełżec werden vermoord – een van de dodelijkste plekken in Europa, maar relatief onbekend omdat er zo weinig getuigen overbleven.
2. Treblinka

Treblinka II, gelegen ten noordoosten van Warschau, was actief van 1942 tot 1943. De meeste slachtoffers kwamen uit het getto van Warschau: Joden, maar ook Roma en enkele Poolse gevangenen. Binnen enkele uren na aankomst werden de meeste mensen vergast met uitlaatgassen in hermetisch afgesloten ruimtes.
Op 2 augustus 1943 kwam het tot een opstand. Gevangenen staken barakken in brand en probeerden te vluchten; ongeveer 300 wisten het kamp te verlaten, 70 overleefden de oorlog. In totaal werden naar schatting 870.000 mensen in Treblinka vermoord. Na de opstand werd het kamp afgebroken en de grond als boerderij vermomd.
1. Auschwitz-Birkenau

Auschwitz begon in 1940 als kamp voor Poolse politieke gevangenen, maar groeide uit tot het grootste complex van de Holocaust. Het bestond uit drie hoofdkampen – Auschwitz I, Birkenau en Monowitz – en tientallen subkampen. Vanaf 1942 werden Joden uit heel Europa hierheen gedeporteerd, vaak zonder te weten wat hen te wachten stond. De beruchte spoorlijn naar Birkenau eindigde letterlijk bij de gaskamers.
Ongeveer 1,1 miljoen mensen kwamen om, onder wie 1 miljoen Joden. De rest waren Roma, Poolse gevangenen en Sovjetkrijgsgevangenen. Wie Auschwitz bezoekt, loopt door rijen barakken en ruïnes van gaskamers die nog steeds huiveringwekkend stil zijn. Vanuit Krakau is het kamp in zo’n 1,5 uur te bereiken, bijvoorbeeld via georganiseerde dagtrips.
De cijfers zijn benaderingen, gebaseerd op onderzoek van musea en historici. Elk getal vertegenwoordigt een mens, een leven dat abrupt eindigde in een tijd waarin menselijkheid verdween.
1 reactie
Ik heb in 2004 in Polen zowel Auschwitz-Birkenau en Treblinka bezocht met de trein en de vouwfiets en in het eerste kamp leek de dood nog steeds in de lucht te hangen! In het tweede kamp, of wat daar nog van over was, kon je in de bossen de verbrandingsrook nog ruiken van alle 800.000 joden die daar waren vermoord en gecremeerd!