10 Psychologische feitjes die je kunt gebruiken

Onze hersenen bestaan uit meer dan honderd miljard neuronen. Dat maakt dit deel van ons lichaam tot een van de meest complexe delen. Het bestuurt ons lichaam, onze bewegingen, onze spraak en alle andere functies. Toch kun je met een paar trucs controle uitoefenen op je hersenen, op je gedachten en acties. Hiervoor moet je beschikken over psychologische technieken en er slim gebruik van maken. Kijk maar eens hoe Victor Mids dit doet in zijn programma Mindfuck. Hier zijn 10 nuttige psychologische feitjes waarmee ook jij jouw hersenen kunt beïnvloeden.

1. De beste manier om aardig gevonden te worden is een ander om hulp vragen

Iemand om een gunst vragen doen we niet altijd graag. Het geeft het gevoel dat je de ander lastig valt. Maar er is een psychologisch fenomeen, het ‘Ben Franklin Effect’ genaamd, dat het tegenovergestelde aantoont. De persoon aan wie je iets vraagt zal jou uiteindelijk meer gaan waarderen. Dit werd aangetoond in een onderzoek van psycholoog Yu Niiya van de Hosei Universiteit in Tokio. Het Ben Franklin Effect wordt veroorzaakt doordat de persoon aan wie je hulp vraagt gelooft dat de reden dat jij juist deze persoon koos om hulp te vragen, is dat jij hem/haar aardig vindt. Daarom zal deze persoon geneigd zijn om jouw vriendelijkheid te gaan kopiëren. Hij/zij gaat jou ook aardig te vinden in plaats van irritant.

2. Hoe hoger de verwachting hoe beter je uitvoering en prestatie

Het principe dat hogere verwachtingen leiden tot betere prestaties staat bekend als het ‘Pygmalion effect’ of het ‘Rosenthal effect’. Het werd voor de eerste keer gedemonstreerd door professor Robert Rosenthal. Uit onderzoek dat hij uitvoerde op een basisschool in Californië kwam naar voren dat wanneer leraren zich bewust zijn van leerlingen die een hoge kans hebben op succes, hun verwachtingen toenemen. Zij gingen onbewust speciale aandacht besteden aan deze leerlingen en hen soms ook anders behandelen. Dit had een positief effect op de leerlingen. Hun uitvoering en prestatie werd beter. Hiervan kun je gebruik maken op de werkvloer. Verwachtingen van de leidinggevende kunnen het gedrag van de werknemers veranderen. Ook werknemers kunnen elkaar of hun leidinggevende beïnvloeden. En als ouder kun je natuurlijk hiermee ook het gedrag van je kind(eren) verbeteren !) Gewoon door positief te denken over anderen.

3. Dagelijkse oefening in zelfcontrole zorgt er geleidelijk voor dat je zelfcontrole verbetert, je wordt hierdoor minder impulsief

Het tegenovergestelde van zelfcontrole is impuls. Dagelijks zijn er vele momenten waarop je impulsief een actie uitvoert. Zo kun je bijvoorbeeld impulsief een trap nemen (waardoor je ervan afvalt) of gaan hangen op een stoel (waardoor je last krijgt van je rug). Als je dagelijks je best doet om zelfcontrole te oefenen (en dus impulsief gedrag achterwege laat), dan levert je dit uiteindelijk op dat je daadwerkelijk meer zelfcontrole krijgt. Daarvoor moet je eerst weten op welke momenten je moeite hebt met zelfcontrole. Ga er een paar dagen op letten. Waarin ben jij geneigd om jouw zelfcontrole te verliezen (en je impulsief te gedragen)? Het kan gaan om keihard vloeken wanneer je in de file staat, krom staan of je tanden te snel poetsen, waardoor je tandpasta op je kleren smeert. Probeer op deze handelingen en gedragingen controle uit te oefenen. Ga bijvoorbeeld op een kalme toon uiten wat je voelt als je in de file staat, meer rechtop staan of met je linkerhand je tanden poetsen (dan moet je automatisch meer controle uitoefenen). Het zal in het begin niet meevallen om deze geautomatiseerde gedragingen te veranderen, maar al snel worden de kleine veranderingen gewoontes. In plaats van het uitoefenen van zelfcontrole ga je van nature gecontroleerd te werk.

4. Met de hand aantekeningen maken zorgt ervoor dat je de stof beter beheerst.

Uit onderzoek van Pam Mueller en Daniel Oppenheimer komt naar voren dat studenten die aantekeningen met de hand maken andere cognitieve functies gebruiken dan studenten die aantekeningen op de laptop maken. Dit heeft een positief effect op het leren. Schrijven gaat langzamer dan typen. Hierdoor kun je niet elk woord letterlijk overnemen. Daarvoor in de plaats ga je luisteren, in je opnemen en samenvatten voordat je iets noteert. Dit helpt voor het verwerven van een beter begrip van de essentie van de informatie. Als gevolg hiervan slaan studenten die aantekeningen opschrijven de informatie voor een langere tijd op dan studenten die typen.

5. Als je af wilt vallen, dan moet je meer blauwgekleurd voedsel gaan eten

Hoewel je vele kleuren voedsel ziet, komt de kleur blauw maar weinig voor in eten. We hebben hierdoor maar weinig eetlust reactie wanneer we de kleur blauw zien. Daarom is het een goed plan wanneer je af wilt vallen om meer blauwgekleurd voedsel te gaan eten. Kies dan niet voor blauwgekleurde snoepjes, maar voor natuurlijke producten, zoals blauwe bessen en blauw-paarse aardappelen. Of je plaatst een blauw licht in je koelkast om je eetlust te laten verminderen.

6. Als je negatieve emoties accepteert, dan krijg je rust in je hoofd

Als gevolg van sociale normen zijn we geneigd om onszelf te dwingen om onze negatieve gevoelens, zoals woede en wrok, weg te stoppen. Uit psychologisch onderzoek komt naar voren dat dit niet goed is. Beter kun je negatieve gevoelens accepteren. Hierdoor krijg je meer rust in je hoofd en dat leidt vervolgens tot betere mentale gezondheid. Ook word je emotioneel veerkrachtiger, wanneer je negatieve emoties onder ogen durft te zien. Het is zelfs zo dat je uiteindelijk hiermee je gevoelens van tevredenheid over je leven aanwakkert. Dit laatste blijkt uit een onderzoek waarbij angst en depressie werden onderzocht door onderzoekers van de Universiteit van Californië. Acceptatie van angstige en depressieve gevoelens leidt tot positieve psychologische gezondheid, waardoor uiteindelijk je tevredenheid over het leven verbetert. Als je je negatieve emoties aanvaardt, dan word je daar dus uiteindelijk vrolijker van !)

7. In een vreemde taal denken helpt bij het nemen van beslissingen

Volgens onderzoekers van de Universiteit van Chicago heeft denken in een andere taal invloed op het nemen van beslissingen. Het zorgt ervoor dat je meer rationeel gaat beslissen. Deze verandering in de kwaliteit van beslissingen komt tot stand doordat emoties gekoppeld zijn aan onze moedertaal. Als we in onze basistaal denken dan kunnen we emoties niet uitschakelen en dat maakt dat we minder logisch kunnen denken. Als je in een vreemde taal denkt, dan blijven deze emoties uit en word je er minder door beïnvloedt, waardoor je meer rationeel en logisch een beslissing kunt nemen.

8. Met jezelf praten zorgt voor een betere concentratie en betere herinnering

via GIPHY

Als je tegen jezelf praat en een ander ziet het, dan word je voor gek verklaard. Maar eigenlijk is tegen jezelf praten heel normaal en zelfs gezond. In een eenvoudig experiment van de Bangor Universiteit werd dit aangetoond. Wanneer proefpersonen instructies hardop voorlazen in plaats van zacht (in zichzelf) dan zorgde dit ervoor dat ze zich beter konden concentreren en beter presteerden. Dat kwam doordat de instructies beter in het geheugen werden opgeslagen, waardoor zij zich later beter herinnerden wat er stond.

9. Strenge ouders maken hun kinderen tot effectieve leugenaars

via GIPHY

Kinderen hebben een eigen kijk op het leven en zijn het vaak oneens met de opvattingen van hun ouders. Sommige ouders maken veel gebruik van strenge maatregelingen om respect van hun kinderen te ontvangen. Uit onderzoek komt naar voren dat dit tot gevolg heeft dat hun kinderen veel gaan liegen. Volgens Victoria Talwar, een expert op het gebied van sociaal-cognitieve ontwikkeling van kinderen, krijgen kinderen die neiging uit angst voor straf. Door te liegen proberen zij de straf te vermijden. Maar liegen is niet perse een slecht teken. Het is ook een teken dat het kind belangrijke psychologische vaardigheden ontwikkeld. Het laat zien dat het kind niet-lineair kan denken en een goed werkgeheugen heeft. Dit zijn namelijk vaardigheden die nodig zijn om de leugens en feiten helder te houden. Hoe eerder een kind leert om te liegen, hoe slimmer het kind is en hoe meer geneigd het is om op te groeien tot een intelligent kind. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat we nu allemaal strenge ouders moeten worden!

10. Wanneer je je slecht voelt en je onder druk beter wilt voelen, dan werkt dit averechts: je voelt je nog slechter

Onderzoek van de Universiteit van Berkeley wijst uit dat wanneer we ons slecht voelen over onze slechte gevoelens we ons nog slechter gaan voelen. Het is veel beter om je negatieve emoties te accepteren (zie ook nummer 9 van deze lijst). Wanneer je je slecht voelt en je focust op je negatieve emotie, kan dit leiden tot psychologische stress. Maar wanneer je accepteert dat de negatieve emotie er is (en je je daar dus niet druk om maakt of aandacht aan schenkt), dan voel je je niet bezorgt of gestrest. Probeer je negatieve emoties dus niet te veranderen in positieve emoties, want dan beoordeel je ze en probeer je ze te veranderen. Met stress tot gevolg. Laat het negatieve gevoel gewoon wat het is. Zo ga je uiteindelijk meer succesvol om met stress.