Prehistorische dieren krijgen vaak alle aandacht als het gaat om bizarre ontdekkingen, maar de prehistorische plantengroei op onze planeet was minstens zo fascinerend. Miljoenen jaren geleden bedekten vreemde, reusachtige planten de aarde, sommige zo bizar dat ze bijna uit een sciencefictionfilm lijken te komen.
1. Lepidodendron (Schubbomen)

Lepidodendron, ook wel bekend als schubbomen, groeide tijdens het Carboon-tijdperk, ongeveer 300 miljoen jaar geleden. Deze reusachtige boom, die wel 30 meter hoog kon worden, leek op een moderne palmboom, maar was eigenlijk een soort gigantische mosplant.
De stam van de boom had schubachtige patronen, die ontstaan waren door afgevallen bladeren. In plaats van hout, had Lepidodendron een sponsachtige structuur, wat de boom een vreemd, onstabiel uiterlijk gaf. Tegenwoordig zijn alleen fossielen van deze vreemde bomen te vinden, voornamelijk in steenkoollagen.
2. Archaeopteris

Archaeopteris wordt beschouwd als een van de eerste moderne bomen en leefde meer dan 350 miljoen jaar geleden. Deze plant had kenmerken van zowel varens als naaldbomen, wat het een vreemde hybride maakt.
Archaeopteris was een pionier in de wereld van de planten omdat het wortelsystemen en hout ontwikkelde die lijken op de bomen die we nu kennen. Het gaf niet alleen zuurstof af, maar het vormde ook een schaduwrijke omgeving, waardoor het klimaat lokaal werd beïnvloed.
3. Sigillaria

Sigillaria is een van de vreemdste prehistorische bomen, die samen met Lepidodendron de bossen van het Carboon-tijdperk domineerde. Deze boom had een lange, slanke stam en groeide meer dan 30 meter hoog, maar had geen takken zoals moderne bomen. De bladeren groeiden in trossen aan de bovenkant van de stam, wat het een bizar, palmachtig uiterlijk gaf. Net als Lepidodendron had Sigillaria geen hout in zijn stam, maar was het sponsachtig en gevuld met water, wat deze boom kwetsbaar maakte voor stormen.
4. Calamites

Calamites was een prehistorische plant die veel leek op het moderne bamboe, maar groeide tot wel 20 meter hoog. Het had een holle, segmentachtige stam en groeide voornamelijk in moerassige gebieden, wat het een opvallende verschijning maakte in prehistorische landschappen.
Wat Calamites zo bijzonder maakt, is dat het een van de vroegste planten was die zich voortplantte via sporen in plaats van zaden, zoals moderne varens dat doen.
5. Pecopteris

Pecopteris was een geslacht van varens dat overvloedig voorkwam in het Carboon-tijdperk. Wat deze varens zo bijzonder maakt, is hun formaat: sommige exemplaren waren zo groot als kleine bomen.
Pecopteris had indrukwekkende bladeren met ingewikkelde patronen, die deden denken aan moderne sierplanten. De fossielen van deze varens zijn goed bewaard gebleven, waardoor wetenschappers veel hebben geleerd over het leven in prehistorische moerassen.
6. Glossopteris

Glossopteris was een van de meest wijdverspreide planten tijdens het Perm-tijdperk, en zijn fossielen zijn gevonden op bijna elk continent. Deze varenachtige plant had brede, stevige bladeren en vormde uitgestrekte bossen.
Het interessante aan Glossopteris is dat de verspreiding van zijn fossielen een belangrijke aanwijzing was voor de theorie van continentverschuiving. Fossielen van deze plant werden gevonden op plaatsen die nu ver uit elkaar liggen, zoals Zuid-Amerika, Afrika, en Antarctica, wat bewijs leverde dat deze continenten ooit aan elkaar vastzaten.
7. Cooksonia

Cooksonia is een van de oudste bekende landplanten, die ongeveer 425 miljoen jaar geleden leefde. Het had een heel eenvoudig uiterlijk met slechts een paar takken en geen bladeren of wortels, wat het een vreemde, primitieve verschijning maakt.
Cooksonia verspreidde zich via sporen, en hoewel het misschien eenvoudig lijkt, was het een van de eerste planten die zich kon aanpassen aan het leven op het land.
8. Rheophyten
Rheophyten zijn een bijzonder soort plant die leefde in snelstromende rivieren en beken. Deze planten waren aangepast aan het constante geweld van het water, met wortels die zich stevig vastklampten aan rotsen en een flexibele stam die tegen sterke stromingen kon.
Hoewel de meeste moderne rheophyten klein zijn, waren hun prehistorische tegenhangers vaak gigantisch en bedekten ze grote delen van prehistorische rivieren.
9. Pteridosperms (Zaadvarens)

Pteridosperms, of zaadvarens, waren een vroege groep planten die zowel kenmerken van varens als zaadplanten hadden. Deze planten hadden bladeren die eruitzagen als varens, maar produceerden zaden zoals moderne zaadplanten, wat hen een vreemde combinatie van twee plantensoorten maakte.
Pteridosperms speelden een belangrijke rol in de evolutie van zaadplanten en droegen bij aan de diversiteit van het plantenleven tijdens het Carboon- en Perm-tijdperk.
10. Wollemi-pijnboom

Hoewel de meeste planten in deze lijst al miljoenen jaren zijn uitgestorven, is de Wollemi-pijnboom een levend fossiel. Deze boom werd in 1994 ontdekt in een afgelegen vallei in Australië en was eerder alleen bekend uit fossielen die meer dan 200 miljoen jaar oud waren.
De ontdekking van deze “dinosaurusboom” was een wetenschappelijke sensatie, omdat men dacht dat de soort al lang was uitgestorven. Vandaag de dag wordt de Wollemi-pijnboom zorgvuldig beschermd om ervoor te zorgen dat hij niet opnieuw verdwijnt.