Het rijexamen is voor veel mensen een van de spannendste momenten in hun leven. Je handen zijn klam, je hartslag zit in je keel en elk verkeersbord lijkt ineens dubbel zo ingewikkeld. Er zijn er bepaalde fouten die keer op keer terugkomen bij kandidaten. Als je deze valkuilen kent, vergroot je de kans dat je in één keer slaagt.
Hier zijn de 10 meest gemaakte fouten bij het rijexamen, en hoe je ze voorkomt natuurlijk!
1. Niet goed kijken bij het wegrijden
Het lijkt zo simpel: richting aangeven, in de spiegels kijken en gaan. Maar onder spanning vergeten veel kandidaten dat ‘kijken’ niet alleen de spiegels betekent. Ook over je schouder kijken is cruciaal, vooral bij het wegrijden vanaf de stoep. Examinatoren letten hier extra scherp op. Een klein gemist blikje kan grote gevolgen hebben.
2. Te laat of verkeerd voorsorteren
Linksaf slaan maar nog helemaal rechts op de weg zitten? Of juist te vroeg naar links? Voorsorteren is meer dan alleen je richtingaanwijzer gebruiken: het gaat om positie kiezen die logisch en veilig is. Als je dit te laat doet, kan het onduidelijk worden voor andere weggebruikers en dat is precies wat een examinator wil voorkomen.
3. Snelheidsregels negeren (per ongeluk)

Je denkt misschien dat te hard rijden je grootste valkuil is, maar veel kandidaten zakken juist omdat ze te langzaam rijden. Vooral op 80-wegen of in een woonwijk zonder druk verkeer moet je gewoon de toegestane snelheid rijden. Te traag rijden kan net zo gevaarlijk zijn als te snel, omdat je het ritme van het verkeer verstoort.
4. Onvoldoende afstand houden
Je volgt een auto en denkt: “Ik blijf lekker dichtbij, dan kan er niemand tussen.” Maar dat is juist vragen om problemen. De twee-secondenregel is er niet voor niets. Te weinig afstand betekent dat je minder reactietijd hebt bij plots remmen. En geloof me: examinatoren hebben hier een zesde zintuig voor.
5. Verkeerde reactie bij bijzondere verrichtingen
Bijzondere verrichtingen zijn vaak het spannendste deel: achteruit inparkeren, keren op de weg, fileparkeren. Door stress gaan kandidaten of te snel, of juist te aarzelend, en vergeten ze om goed te blijven kijken. Met een aanhanger wordt het nog lastiger. Rijd je daar vaak mee, overweeg dan extra training of zelfs je aanhang rijbewijs halen in de omgeving van Maastricht. Rustig tempo, vaste volgorde en blijven observeren maken hier het verschil.
6. Onzekerheid bij rotondes

Rotondes lijken eenvoudig, maar op het examen zijn ze een veelgemaakte fout. En natuurlijk kiezen examinatoren ook de lastigste rotonde uit tijdens het examen! Kandidaten twijfelen te lang, geven geen richting aan bij het verlaten van de rotonde, of gaan juist te gehaast en dwingen andere bestuurders tot remmen. De sleutel? Rustig blijven, kijken naar de snelheid van het verkeer en duidelijk je intentie aangeven.
7. Vergeten voorrang te geven
Dit is een klassieke examenkiller. Soms gaat het om een voorrangsbord dat je over het hoofd ziet, soms om een situatie die net even anders is dan je gewend bent. Examinatoren letten extra op of je verkeer van rechts en voetgangers de juiste voorrang geeft. Eén foutje kan direct fataal zijn voor je examen.
8. Fout bij in- of uitvoegen
Of het nu op de snelweg is of bij een druk kruispunt: in- en uitvoegen vraagt om timing. Kandidaten voegen soms te langzaam in waardoor achteropkomend verkeer moet afremmen, of juist te snel zonder goed te kijken. Zorg dat je op snelheid komt vóórdat je invoegt en gebruik je spiegels én schouderblik.
9. Te veel bezig zijn met het examen zelf
Het klinkt gek, maar sommige kandidaten zijn zo gefocust op “het halen” dat ze vergeten te rijden zoals ze normaal zouden doen. Opeens ga je overdreven netjes sturen of juist te voorzichtig rijden. Ironisch genoeg kan dat leiden tot meer fouten. Zie het examen als een normale lesrit, alleen zit er iemand achterin met een beoordelingsformulier.
10. Paniek na een fout

Iedereen maakt wel eens een foutje tijdens het examen. Het probleem is dat veel kandidaten zich hierdoor laten afleiden en de rest van de rit verknoeien. Je maakt een verkeerde afslag en denkt: “Nou, dit was het dan…” Terwijl je misschien nog prima kunt slagen als je de rest gewoon goed rijdt. Examinatoren kijken naar het geheel, niet alleen naar één moment.
Hoe je je kansen vergroot
- Rij zoals je geleerd hebt: geen gekke nieuwe dingen proberen.
- Houd het overzicht: kijk ver vooruit, zodat je niet verrast wordt.
- Blijf ademen: letterlijk. Een paar diepe ademhalingen helpen echt tegen de zenuwen.
Het rijexamen is geen wedstrijd in perfectie. Het gaat erom dat je veilig en zelfstandig kunt deelnemen aan het verkeer. Als je deze 10 fouten weet te vermijden en rustig blijft, is de kans groot dat je straks dat felbegeerde roze pasje in handen hebt.
