Zelfs de grootste bedrijven ter wereld maken blunders. Van Coca-Cola’s beruchte New Coke tot de exploderende telefoons van Samsung: de geschiedenis zit vol miljardendebacles. Het laat zien dat geld en merkbekendheid geen garantie zijn voor succes. Dit zijn de tien spectaculairste productflops van beroemde merken.
1. New Coke – Coca-Cola (1985)

In 1985 deed Coca-Cola het ondenkbare door na 99 jaar het geheime recept te veranderen. Consumenten waren woedend over het verlies van hun vertrouwde drankje. De klantenservice werd overspoeld met tienduizenden klachtenbrieven.
Na slechts 79 dagen keerde het originele recept terug als Coca-Cola Classic. Ironisch genoeg versterkte de blunder de band met de fans; de verkoop schoot na de terugkeer omhoog.
2. Samsung Galaxy Note 7 (2016)

De Galaxy Note 7 had een gevaarlijk mankement: het toestel ontplofte spontaan. Batterijdefecten zorgden voor brandende telefoons in slaapkamers en zelfs in vliegtuigen.
Samsung moest vuurbestendige dozen versturen om de toestellen veilig terug te krijgen voor vernietiging. Het grapje kostte het bedrijf naar schatting 17 miljard dollar aan inkomsten en enorme imagoschade.
3. Ford Edsel (1957-1960)

Ford investeerde $250 miljoen (vandaag bijna $3 miljard) in de ontwikkeling van een auto die Amerika zou veroveren. Ze hielden de Edsel maandenlang geheim, creëerden enorme hype, en gaven hem zelfs een eigen divisie.
Maar op “E-Day” (4 september 1957) sloeg de stemming om. De grille werd vergeleken met een paardenhalsband (of erger), er waren kwaliteitsproblemen, en de timing was rampzalig: een recessie deed de vraag naar middenklasse-auto’s instorten. Na drie jaar en $350 miljoen verlies trok Ford de stekker eruit. “Edsel” werd synoniem voor flop – het staat zelfs in woordenboeken.
4. Google Glass

Google’s slimme bril zou de toekomst zijn – een computer op je gezicht die informatie projecteerde in je gezichtsveld. De realiteit: een apparaat van $1.500 dat je er deed uitzien als een surveillancecamera op poten.
Restaurants en bars verboden het dragen ervan, en mensen die Google Glass droegen kregen de bijnaam “glassholes“. Privacy-zorgen, geen duidelijke use case voor de gemiddelde consument, en een onflatteuze uitstraling maakten er een flop van.
5. Crystal Pepsi (1992)

In de jaren negentig waren Amerikanen geobsedeerd door “zuiverheid”. Pepsi lanceerde daarom een doorzichtige cola zonder cafeïne. Consumenten raakten in de war; het drankje zag eruit als Sprite, maar moest smaken naar cola. Coca-Cola lanceerde een agressieve tegenstrategie met Tab Clear om de markt voor doorzichtige frisdrank kapot te maken. Binnen twee jaar was Crystal Pepsi definitief van het toneel verdwenen.
6. Microsoft Zune (2006-2012)

Microsoft’s antwoord op de iPod kwam vijf jaar te laat. Toen de Zune in 2006 lanceerde, had Apple al vijf generaties iPods verkocht en was de iTunes-winkel een cultureel fenomeen.
De Zune was technisch best oké – sommige reviewers vonden hem zelfs beter dan de iPod – maar niemand had een reden om over te stappen. De eerste kleur? Poepbruin. De marketing? Vaag en gericht op een niche.
Op oudejaarsavond 2008 crashten alle Zune 30-toestellen door een bug in de schrikkeljaarcode. De Zune haalde nooit meer dan 2% marktaandeel en werd in 2012 stopgezet. Het enige positieve: de Zune-interface werd de basis voor Windows Phone.
7. Amazon Fire Phone (2014)

Amazon’s eerste smartphone was een technisch hoogstandje vol gimmicks: 3D-effecten met vier camera’s, en een feature genaamd “Firefly” die 100 miljoen producten kon herkennen (zodat je ze vervolgens bij Amazon kon kopen).
Het probleem: het was een telefoon gebouwd voor Amazon, niet voor de consument. De prijs ($650, evenveel als een iPhone) was veel te hoog, de app store was leeg vergeleken met Google Play, en de 3D-trucjes vraten de batterij leeg. Binnen zes weken daalde de prijs naar 99 cent met contract.
Amazon schreef $170 miljoen af en had nog $83 miljoen aan onverkochte voorraad liggen. In 2015 werd de productie gestaakt.
8. Colgate Kitchen Entrees (1982)
Wat denk je bij de naam Colgate? Tandpasta, toch? Colgate dacht dat consumenten ook wel diepvriesmaaltijden van het merk wilden. Spoiler: dat wilden ze niet.
De cognitieve dissonantie was te groot – mensen wilden geen lasagne eten van een merk dat ze associeerden met de smaak van mint en fluor. Het product flopte zo hard dat het nu een standaardvoorbeeld is op businessscholen van “brand extension gone wrong”. De les: je merk uitbreiden werkt alleen als het logisch aanvoelt voor de consument.
9. Apple Newton (1993-1998)

Voordat de iPad bestond, was er de Newton: Apple’s poging om de Personal Digital Assistant (PDA) uit te vinden. Het apparaat beloofde handschriftherkenning die sneller was dan pen en papier. De werkelijkheid: de herkenning was zo slecht dat The Simpsons er een grap over maakte (“Eat up Martha” in plaats van “Beat up Martin”).
Met een prijskaartje van $700 en een onhandig formaat werd het een flop. Steve Jobs, terug bij Apple in 1997, stopte het project. Maar de Newton was zijn tijd vooruit – conceptueel was het een voorloper van de iPad, die pas in 2010 kwam en een megahit werd.
10. Segway (2001)

Uitvinder Dean Kamen beloofde dat de Segway “groter zou zijn dan het internet” en steden zou herdefinieer. Steve Jobs investeerde en zei dat steden rond het apparaat gebouwd zouden worden.
De werkelijkheid: een $5.000 duur apparaat waarop je er belachelijk uitzag terwijl je 20 km/u reed. Het werd vooral een grap – een symbool van technologie-arrogantie. De enige groepen die de Segway ooit echt adopteerden waren toeristen op stadstours en beveiligingspersoneel in winkelcentra.
In 2020 werd de productie stopgezet. De ironie: de oprichter van het bedrijf overleed in 2010 toen hij met een Segway van een klif reed.
Wat leren we hiervan?
Productflops hebben vaak dezelfde ingrediënten: te veel hype, te weinig luisteren naar consumenten, slechte timing, of simpelweg een product dat niemand vroeg. De grootste merken zijn niet immuun – integendeel, ze hebben vaak de middelen om spectaculairder te falen. Maar er is hoop: Amazon leerde van de Fire Phone en bouwde Alexa. Apple leerde van de Newton en maakte de iPad. En Coca-Cola? Die ontdekte dat consumenten soms niet weten wat ze willen – tot je het van ze afpakt.